MOOKSTORIES: we love green!

Bij Mookstories maken we kaarten met een verhaal. Onze gerecyclede of FSC kaarten worden gemaakt door entrepreneurs, designers, illustrators, fotografen; zij maken iets bijzonders voor jou, een product waar zij volledig achter staan, vanuit het hart, vanuit een visie.

 

 

“We blijven ver weg bij het woord PLASTIC”

Alle kaarten van Mookstories zijn duurzaam geproduceerd omdat wij een duurzame leefomgeving belangrijk vinden. We hergebruiken vaak verpakkingsmaterialen, gebruiken geen plastic tape of opvulmateriaal en blijven ver weg bij het woord: PLASTIC. Niet alleen in een winkel maar ook via de webshop kan je producten verkopen waarbij rekening wordt  gehouden met onze leefomgeving en de natuur om ons heen, en dat doen wij  heel graag! Onze kaarten zijn allemaal geprint op FSC papier. Het FSC-systeem zorgt ervoor dat de bossen op onze wereld door middel van  verantwoord bosbeheer behouden kunnen blijven.

 

Naast FSC verkopen we ook  kaarten van gerecycled papier, eveneens zo belangrijk. Waarom zou je  iets niet nogmaals gebruiken om een nieuw product zoals gerecyclede kaarten te maken? Ook onze enveloppen zijn gemaakt van gerecycled  papier.

 

“Op de webshop kan je zien door wie, en waarmee het product is gemaakt”

Hou jij ook van groen? En vindt jij het belangrijk om onze leefomgeving  zo duurzaam mogelijk te houden? Start ook met het kopen van gerecyclede  of FSC kaarten en zorg samen voor zo min mogelijk belasting van de  natuur op onze aarde. Onze kaarten zijn onderverdeeld in fotokaarten  voor naturelovers en illustratie kaarten gemaakt door verschillende designers. Ieder product heeft een verhaal; op de webshop kan je zien door wie, en waarmee het product is gemaakt.

 

 

Onze duurzame kaarten zijn allen geprint op gerecycled of FSC papier en liggen inmiddels in meerdere winkels dus wellicht kom je ons ergens tegen tijdens het shoppen. Wil je meer weten over Mookstories? Bezoek onze webshop!

 

“Onze gerecyclede of FSC kaarten worden gemaakt door entrepreneurs, designers, illustrators, fotografen; zij maken iets bijzonders voor jou, een product waar zij volledig achter staan, vanuit het hart, vanuit een visie.”

Een vos hoort in de natuur, maar deze Vos had daar tot voor kort geen boodschap aan. Jarenlang zag ik mezelf als stadsmens pur sang, ook al kom ik oorspronkelijk van het platteland. Toch raakte ik anderhalf jaar geleden helemaal verslingerd aan het bos, een plek waar ik me zoals ik me kon herinneren sinds 1990 niet meer geweest was. Hoe dit zo kwam? Ik zal het je vertellen….  

 

Natuur? Och, zo saai….

Tot vrij recent had ik 0,0 met de natuur. Bomen, vogels, bloemen: ik zag ze niet en als ik ze zag dan keek ik er langs of er doorheen. Ik ben opgegroeid in West-Zeeuws Vlaanderen, een gebied dat bekend staat om zee, polders en landerijen. En niet te vergeten: vele stukken grond die de afgelopen jaren kunstmatig tot natuurgebied zijn gemaakt. Kortom: ’t Land Van Cadzand wás niets anders dan natuur. Toen ik naar de middelbare school ging, moesten mijn vriendinnen en ik elke dag negen kilometer heen-en-terug op de fiets. ’s Ochtends én ’s middags een half uur trappen langs een weg met alleen maar bomen, weilanden en sloten. Wanneer we samen reden vond ik het leuk omdat we gezellig konden lachen en kletsen, maar oh wee als ik soms alleen terug moest rijden. Alleen langs die lange -in mijn ogen- suffe weg. Wat vond ik dat geestdodend, wat vond ik dat shhááái. Ja, zelfs met m’n walkman op mijn kop.

 

Hoe meer volgebouwd, hoe beter!

Toen ik op mijn negentiende op kamers ging in Amsterdam, slaakte ik een diepe, vette zucht. Hoogbouw tot ver buiten het centrum, op elke straathoek een supermarkt, negenhonderddertien cafeetjes, zo hier-en-daar een perkje en een parkje, maar in de wijde omtrek in principe geen vergezicht te bekennen. Dit was de bedoeling! Hier was ik thuis, dit was de habitat waar ik onbewust al die jaren naar had gesnakt. Twee decennia lang kwam ik alleen de stad uit als ik op vakantie, naar mijn moeder of een vriendin in een ándere stad ging. Voor de rest had ik buiten de Ring niets te zoeken: alles was op een kwartier fietsen van mij vandaan. Vrienden, werk, repetitieruimtes, Paradiso, Het Rijksmuseum, winkels van alle ketens en ook nog meerdere filialen van elk, restaurantjes….hónderden restaurantjes, bioscopen en nog heel veel meer dingen waar ik zelfs geen weet van had, maar mócht ik er ooit heen willen: het was dichtbij! Oftewel: het paradijs!

 

 

De openbaring

Een aantal jaar geleden werd Amsterdam ineens mega-populair. Dagelijks koersten vliegtuigen en cruiseschepen op de stad af met in hun kielzog duizenden en duizenden toeristen die niet konden wachten tot ze in het centrum van Mokum werden losgelaten. En ja, toen werd het toch wel een tikkeltje druk op straat. Heel lang deed ik mijn uiterste best om deze nieuwe situatie te negeren. Ok, het was druk, maar was Amsterdam niet altijd druk? De omslag kwam toen een vriendin met haar gezin van Utrecht naar Amerongen verhuisde, een dorp tussen de bossen van de Utrechtse Heuvelrug. Mijn eerste reactie toen ze vertelde te gaan verhuizen was complete ontsteltenis (‘Naar de bossen? Waarom? En de stad dan???). Toen ze er eenmaal woonde en ik voor het eerst met haar een boswandeling maakte -iets wat ik dus nooit en te nimmer deed- zag ik het licht: ‘wow, hier tussen die bomen is het wel héél erg prettig. Wat een rust!’. Compleet zen ging ik weer richting Amsterdam met een zekerheid: dit ging ik vaker doen.

 

Zo zen als na drie yin yoga-sessies

Nog geen maand later boekte ik een huisje in een buurdorp van mijn vriendin om weer eens lekker met die korte pootjes van me door de takken en de bladeren stekkeren. De heerlijke geuren, de lichtval door de boomkruinen, het gehak van spechten en ja, hoor: …en echte eekhoorn! Zaten die hier echt gewoon in de bossen? Je leest het: er ging een wereld voor me open. En op het einde van zo’n wandeldag, had ik weer hetzelfde gevoel: alsof ik drie yin yoga-sessies achter de rug had. Als je mij vroeger gezegd had: ga eens lekker op vakantie in eigen land, dan had ik je fronsend aangekeken. In mijn optiek was er echts niets suffer dan dat. Naar het buitenland moest ik. Nieuwe steden en landen ontdekken, want nee: twee keer naar hetzelfde land gaan vond ik ook stom. Je begrijpt, met deze tripjes richting bosrijk gebied in Nederland verbaasde ik vooral mezelf. Wat was er met me gebeurd? Was ik een saaie vrouw geworden? Of gewoon oud?

 

 

Trotse wandelaar in eigen land

Ok, hip en happening was niet ik niet meer als veertigplusser. En misschien speelde dat ook wel mee. Had ik er vroeger zeker niet mee te koop gelopen te genieten van een wandeltrip (ik was toch geen suf burgertrutje? Ik was een avontuurlijke vrouw die zoveel mogelijk wilde zien en ervaren!), tegenwoordig kan het me niks meer schelen hoe mensen hier tegenaan kijken. Om de zoveel tijd boek ik een huisje op de Veluwe en ik vind het heerlijk!  Ook kijk ik niet meer zo zeer naar waar ik nog niet geweest ben, maar naar waar ik behoefte aan heb. Voor nu zijn dat rust en de natuur. Ja, natuurlijk kan je dan ook naar Noorwegen gaan, maar nu ik het afgelopen jaar veel duurzamer ben gaan leven en voorlopig niet meer wil vliegen, vind ik het niet nodig om puur voor de rust en onthaasting een lange reis te maken. Niet dat ik mij nu beperk tot ons kikkerland, want over een paar weken vertrek ik met de trein naar Engeland, maar wat ik eigenlijk wil zeggen… of je nu van het bos bent of meer van de zee, de heide of polders: ons land is echt zo gek nog niet! Echt niet.

In de zomer kan het soms opeens een lange periode flink droog en warm zijn. En dan wil je natuurlijk niet dat jouw groenten of planten voortijdig het loodje leggen. Ik geef je praktische tips om jouw (moes)tuin in leven te houden zonder liters water te verspillen. 

 

Foto: Fikri Rasyid via Unsplash

 

In de avond water geven 

Het eerste wat je kunt doen om water te besparen is in de avond water geven in plaats van de in de ochtend of middag. In de ochtend hebben de planten minder kans om het water op te nemen, omdat het al snel weer verdampt. In de middag is helemaal niet slim, want dan loop je het risico op verbranding van de bladeren. In de avond is het al wat meer afgekoeld en de planten hebben dan de hele nacht om het water op te nemen zonder dat het al te veel verdampt. 

 

 

Compost 

Zorg dat je voldoende compost gebruikt. Het is voeding voor je planten, maar het zorgt ook voor een goede bodemstructuur, waardoor het water en voedingsstoffen beter worden vastgehouden. Mijn moestuinjuf zei ooit: compost is belangrijker dan water. En ze heeft echt gelijk. Ik gooi er dus altijd wat extra compost op als er droge tijden aankomen. 

 

Foto: Gabriel Jimenez-jin via Unsplash

Wil je zelf compost maken? Lees dan dit blog van Jaqueline.  

 

Niet te veel verwennen 

Wat mijn moestuinjuf me ook leerde was dat je groenten of planten niet te veel moet verwennen. Als je ze te vaak en veel water geeft, worden ze lui. Ze hoeven totaal geen moeite te doen om zelf op zoek te gaan naar water en ontwikkelen daardoor een zwak wortelgestel.All Ik probeer mijn moestuin eigenlijk nauwelijks water te geven, behalve natuurlijk in periodes waarin het echt voor langere tijd niet regent. Maar verder laat ik het zo veel mogelijk aan de natuur over. Moestuinier je in potten of heb je veel planten in potten staan, dan zul je helaas wel vaker water moeten geven. 

 

Ook als ik net zaden in de grond heb gestopt of iets heb uitgeplant geef ik mijn moestuin water. 

 

Mulchen 

Waar ik groot fan van ben is mulchen. Je brengt dan een natuurlijke, organische laag aan over jouw bodem. Dat kan bijvoorbeeld met stro, gemaaid gras, herfstbladeren of cacaodoppen. Mulchen verbetert de bodemstructuur omdat het wordt omgezet in compost. Daarnaast beschermt het groenten tegen de kou en zorgt ervoor dat je bodem minder snel uitdroogt. Zeker doen dus! 

 

In ons moestuincomplex bewaren we de herfstbladeren altijd. Handig als mulch! Gratis en voor niets.  

 

Zelf water opvangen 

Heb je plek voor een regenton in je tuin, dan is dat een goede manier om water op te vangen in nattere periodes. In de droge periode heb je dan een mooie voorraad voor je tuin. Het is ook nog eens beter dan kraanwater omdat daar vaak kalk inzit. Zelf heb ik hier helaas geen plek voor, maar ik vang bijvoorbeeld mijn douchewater op wanneer het aan het opwarmen is. Ik kan daar precies mijn geveltuintje van watergeven. Als ik water over heb van het koken bewaar ik dat ook. Alle beetjes helpen denk ik dan maar. 

 

Jij nog slimme tips? 

Heb jij nog tips om water te besparen in droge tijden? Laat een reactie achter. Zo helpen we elkaar weer verder met duurzamer moestuinieren. 

 

Je herkent het vast wel, de keuzestress die het bedenken en het uitzoeken van cadeautjes voor de kinderen met zich meebrengt. Zeker als je kinderen al wat groter zijn en al genoeg speelgoed hebben. Ik leerde in de loop van de tijd dat veel speelgoed ook niet perse garant staat voor veel speelplezier. Zo kocht ik een aantal jaren geleden een grote partij playmobil via marktplaats. Ik vond het geweldig, een meer dan complete boerderij! Maar uiteindelijk kwam mijn dochtertje niet aan spelen toe omdat ze de berg speelgoed niet overzag. Daarom verkocht ik een deel van de playmobil nadat mijn dochtertje zelf de items uitkoos die ze wel wilde houden om mee te spelen (dank u, Marie Kondo voor de inspiratie 😉 ).

 

En dan komt er weer een verjaardag aan, wat ga ja dan geven? Vind de balans tussen leuk, nuttig, nodig en duurzaam maar eens! Toevallig kwam ik een super handige richtlijn tegen voor het geven van cadeaus. Ooit gevonden op Pinterest en later kwam ik het (volgens mij, ben er niet helemaal zeker van) tegen bij Kiindmagazine. Deze richtlijn hanteren wij nu al een tijdje en ik vind ‘m reuze handig. Ga er even rustig voor zitten, pak een pen en papier en bedenk iets wat je zoon/dochter:

 

1. nodig heeft;

2. zelf graag wil hebben;

3. kan lezen;

4. kan dragen (kleding, schoenen etc.)

 

Mijn dochter kreeg voor haar laatste verjaardag een tweedehands fiets (die had ze nodig), skeelers (die wilde ze zelf heel graag hebben), leesboekjes van Vos & Haas (om te lezen en helemaal leuk: ik vond ze via Marktplaats) en een nieuwe verjaardagsjurk (om te dragen) en… als uitzondering op de regel: een vintage poppenwagen die ik zelf zo leuk vond om te geven… Voor de skeelers en de poppenwagen gebruikten we ook verjaardagsgeld van onze familie. We hebben met elkaar afgesproken dat we de nichtjes en neefjes geen kleine cadeautjes meer geven, maar dat de ouders zelf uit naam van de familie voor hun kind een cadeau kopen. Dat scheelt weer een heleboel prulletjes en speelgoed waar weinig mee gespeeld gaat worden of wat snel kapot gaat.

 

 

Ik zie de vier vragen echt als een richtlijn en niet als een moeten, want stel dat je zoon of dochter zelf niets weet te verzinnen als cadeau? Dan verzin je natuurlijk gewoon zelf iets leuks. Of je geeft een beleving als cadeau: een dagje naar een mooie stad, eten in een restaurant, een dagje varen o.i.d.

 

 

Verder proberen wij meestal eerst tweedehands te kopen, als dat niet lukt gaan we voor nieuw. Dat vind ik dan ook niet erg, omdat het bijvoorbeeld van gerecycled materiaal is gemaakt of omdat het jaren mee kan gaan. Onze kinderen waarderen tweedehands cadeautjes tot nu enorm en zijn er net zo blij mee als met nieuwe spullen. Is dat bij jou ook zo? En wat is jouw ‘cadeautjes-tip’ voor een duurzame kinderverjaardag?

 

Het is zomer! Iedereen trekt er op uit en iedereen doet dat op zijn eigen manier. Ik ga het liefst naar een mooie natuurbestemming met zo min mogelijk toeristen. En ik ben de afgelopen jaren steeds meer gaan nadenken over het verduurzamen van de vakanties. Veel mensen associëren een ‘duurzame’ vakantie vaak met saai, dichtbij, voorspelbaar en niet het echte vakantiegevoel. Maar er is zo veel mogelijk! Europa heeft vele prachtige gebieden, die makkelijk concurreren met bestemmingen ver buiten Europa. In dit artikel laat ik allerlei verschillende vakanties zien die zo op je bucketlist kunnen en ook nog (redelijk) duurzaam zijn!

 

Wat ik zo mooi vind aan ‘duurzaam’ reizen is dat je alles veel bewuster ervaart. Neem bijvoorbeeld de vervoersmiddelen. Als je met de trein, auto of fiets naar je bestemming gaat, heb je veel meer besef van de afstand die je aflegt voor je er bent. De reis op zich is al een hele waardevolle ervaring: je leert mensen kennen onderweg, je reist door verschillende dorpen, steden of stations. Je ziet het landschap langzaam veranderen. Onderweg moet je misschien ergens overnachten. Allemaal mooie ervaringen die je ‘onthaasten’: je bent op vakantie en het hoeft allemaal even niet meer zo stressvol en snel als tijdens je volle studie- of werkdagen.

1. Ga met de trein! 

Binnen Europa kun je gemakkelijk en comfortabel met de trein reizen. Hoewel ik vind dat het in de toekomst allemaal goedkoper en overzichtelijker moet, kun je na enig speurwerk op de computer toch betaalbare en mooie treinreizen boeken.

 

Zo ben ik met mijn vader al twee keer naar de Dolomieten in Noord-Italië geweest. We vertrokken vanuit Rotterdam, en treinden zo naar Düsseldorf waar we de slaaptrein naar München namen en vanuit daar een ICE naar Trento in Italië. Vandaar een lokale trein naar een bergdorp en onze bergwandeltocht kon beginnen!

 

Hiken in de Dolomieten

 

Ook zijn er prachtige treinreizen in Europa die op zichzelf al een unieke ervaring zijn. Twee reizen die mij erg mooi lijken:

 

– De Bergen treinroute van Oslo naar Bergen: neemt je mee door het adembenemende landschap van Noorwegen, door Lonely Planet uitgeroepen tot een van de mooiste treinreizen van de wereld. En het is helemaal niet duur, bij tijdig boeken zo’n 25 euro! (Oslo is ook per trein te bereiken vanuit Nederland)

 

– Van Belgrado naar Bar (Montenegro en Servië): een prachtige route van 476 kilometer over meer dan 400 bruggen en op grote hoogtes (soms wel 700 meter hoog). En over het 498,8 meter lange Mala Rijeka viaduct. Ook deze reis is betaalbaar: ongeveer 20 euro! Te boeken hier en hier.
>> Kijk ook op de website van de Treinreiswinkel
>> En de website van InterRail

2. Road-trip met de auto

Met de auto op vakantie is ook minder vervuilend dan met het vliegtuig en je kunt gaan en staan waar je maar wilt. Neem een tent en uitrusting mee om op de mooiste plekken te wildkamperen (klik hier voor een overzicht van landen) of te bivakkeren op natuurcampings.

 

 

3. City Trips in Nederland of Europa

Dit kun je lekker vaak doen per jaar: een (lang) weekend weg naar een prachtige stad in Nederland of Europa. Er zijn zo veel treinreizen voor een fluitje van een cent te boeken naar (zonnige) steden in Europa, als je maar vroeg van te voren boekt! Denk aan Parijs, Florence, Barcelona, Haarlem, Antwerpen, Berlijn, Rotterdam, Londen, Marseille, Venetië… Je kunt o.a. boeken via de Treinreiswinkel.

 

Terschelling

 

4. Ga op fietsvakantie!

– Je kunt op fietsvakantie gaan in Nederland: Schaf het Groene boekje aan en fiets van natuurcamping naar natuurcamping, Fiets of trein naar Harlingen en bezoek een van de Waddeneilanden (ik ben er laatst geweest en het is daar heel bijzonder!).
– Liever buiten Nederland? Neem je fiets mee in een internationale trein! Een vriendin van mij reisde per trein met fiets af naar Berlijn en fietste vanaf daar naar verschillende stadjes, campings en door Berlijn zelf.
– Fiets vanuit Nederland naar een plek in Europa (bijvoorbeeld Frankrijk). Dan zie je echt het landschap veranderen, leer je de verschillende culturen goed kennen en ben je lekker in beweging.

 

fietsvakantie

 

5. Ga WWOOFEN

Dit jaar heb ik twee maanden lang op biologische boerderijen vrijwilligerswerk gedaan via WWOOF. Het was absoluut een hele bijzondere ervaring voor mij en ik kan het iedereen aanraden. Via wwoof.net kun je landen over heel de wereld kiezen (binnen Europa is wel zo duurzaam) en via de site van dat land krijg je een overzicht van de vele boerderijen die zijn aangesloten. Je werkt vijf dagen per week tegen kost en inwoning en het kost je dus alleen je reis er naar toe!

 

WWOOFEN in Finland

 

Weet jij een prachtige unieke duurzame vakantiebestemming? Laat het weten in de comments!

Als je zo duurzaam mogelijk probeert te leven dan doe je sommige dingen net iets anders dan anderen. Je neemt misschien je eigen zakjes mee naar de supermarkt of de markt om boodschappen mee te doen, je neemt misschien een bestekzakje mee naar evenementen, of een eigen rietje als je naar het terras gaat. Hoe gaat dit samen met daten?

 

 

Ik kan nu gaan vertellen hoe je het beste kunt vertellen aan iemand dat je duurzaam of zero waste leeft, maar ik denk niet dat er een goede of slechte manier is om dat aan iemand te vertellen. Het is een belangrijk onderdeel van je leven dus uiteindelijk zal het gesprek er wel op terecht komen, of misschien merkt iemand het wel als hij of zij een keer met je naar de supermarkt gaat en je bij de broodafdeling een broodzak uit je tas tevoorschijn haalt. Het gaat er vooral om hoe je ermee om gaat dat iemand anders niet op deze manier leeft, en hoe die andere persoon ermee omgaat dat jij op deze manier leeft.

 

Laat ik eerst vertellen hoe mensen er in het algemeen op reageren als ik ze vertel of ze merken dat ik zero waste leef. 

Soms merk ik dat mensen wat gereserveerd zijn als ik ze vertel dat ik zero waste leef, of dat ik probeer zo duurzaam als voor mij mogelijk is te leven, en denken ze dat dit betekend dat ik iedereen wil overtuigen dat dit de beste manier van leven is voor mens en milieu en dus wel er alles aan zal doen dit te bereiken. Dit is echter niet zo. Tuurlijk vind ik het leuk om te vertellen over mijn manier van leven, en hopelijk mensen iets bewuster te maken van wat zij kunnen doen voor het milieu, maar het is niet mijn missie om mensen te bekeren tot een zero waste levensstijl. 

Er komt een punt dat dit ter sprake komt en er zijn mensen die het superleuk vinden, er graag meer over willen leren en het niet zien alsof ze zich nu moeten gaan aanpassen omdat ze met mij om gaan. Er zijn ook mensen die het zien als een bedreiging tegenover hun manier van leven en gelijk zichzelf beginnen te verdedigen en roepen dat ze nooit hun bus deodorant gaan opgeven, dat je het maar even weet!

 

 

Als je gaat daten is het alsof je een extra kwaliteit hebt die sommige mensen dus juist als heel positief ervaren en anderen als negatief. Uit eigen ervaring heb ik ondervonden dat de groep mensen die dit als negatief ervaren niet de mensen zijn voor mij. Deze zijn niet klaar voor verandering, maar staan er vaak ook niet volledig achter dat jij op deze manier leeft omdat ze bang zijn dat het hun manier van leven toch gaat beïnvloeden als ze met je blijven omgaan. En net als wanneer iemand een ander belangrijk aspect van je leven niet accepteert is het niet de bedoeling dat iemand je daarop afrekent, en je misschien zelf probeert te veranderen. 

 

Andersom is dit trouwens ook het geval. Als je iemand tegenkomt die je ontzettend leuk vind, maar deze persoon leeft niet duurzaam en je gaat enorm je best doen om iemand te overtuigen dat dit de beste manier van leven is en dat iemand dit moet gaan overnemen dan ben je verkeerd bezig. Je mag iemand ergens op wijzen als je bijvoorbeeld merkt dat iemand veel boterhamzakjes gebruikt kun je een keer zeggen ‘waarom koop je geen broodtrommel? Dit bespaard je op de lange termijn geld en het is een stuk duurzamer.’ Maar je moet iemand wel in zijn waarde laten. Sommige mensen zijn er nog niet klaar voor om even duurzaam te leven als jou en je moet iemand niet willen veranderen. Dit is namelijk niet leuk voor jou om te doen, en niet leuk voor hun. 

 

Toen ik nog vegetariër was heb ik een aantal vriendjes gehad die vlees aten, en sommigen vonden het geen probleem dat ik dit niet at, en lieten me in mijn waarde als ik hun in hun waarde liet. Maar er waren er ook die het er niet mee eens waren, vonden dat het mijn gezondheid beïnvloedde, dat het onhandig was, en dat ik het dus eigenlijk weer moest gaan eten, en die er ook niet achter stonden als ik eten kookte waar geen vlees bij aan te pas kwam. 

 

Bij daten is het belangrijk dat je elkaar in zijn waarde laat, en als je niet bij elkaar past dan is dat uiteraard heel jammer maar dan is het blijkbaar niet de bedoeling geweest dat je met deze persoon eindigt. De juiste persoon accepteert je zoals je bent, en die accepteer jij ook zoals hij of zij is. als iemand je probeert te veranderen, probeert te overtuigen dat je dingen anders moet aanpakken of doen dan accepteert iemand je niet zoals je bent. 

Ondertussen is er een steeds grotere groep mensen die graag bewustere en duurzamere keuzes maakt, maar die door de bomen het bos niet meer zien. Waar moet en kun je nu allemaal op letten? Terwijl er veel boeken zijn die alle problematiek beschrijven, geloof ik meer in makkelijke en concrete tips! En die zijn er gelukkig ook. Ik deel graag vijf boeken die je kunnen helpen met praktische tips voor in huis. 

 

De verborgen impact

 

#1: De Verborgen Impact

Dit boek is geschreven door Babette Porcelijn. Ik vind het echt een geweldig boek, omdat ik denk dat er over het algemeen niet genoeg wordt gesproken over de verborgen impact van de spullen die je koopt en de dingen die je doet. Maar dit boek doet dat wel! Babette Porcelijn realiseerde zich dat ze graag duurzamer wilde leven, maar dat er van veel dingen eigenlijk helemaal niet duidelijk was wat nou de echte impact was. Als je bijvoorbeeld auto rijd denk je vaak alleen aan de benzine die je gebruikt tijdens het rijden, maar hoeveel energie heeft het gekocht om de auto te maken? 

 

In dit boek geeft ze een overzicht van deze verschillende aspecten zodat jij beter een weloverwogen beslissing kunt nemen over de dingen je wel of niet laat of koopt. 

 

Meer informatie: https://babetteporcelijn.com

 

#2: Het Zero Waste Project

Dit boek is geschreven door Jessie en Nicky Kroon, als deel van hun blog/website Het Zero Waste Project. Het boek richt zich voornamelijk op een uitleg van het plasticprobleem met daarbij veel oplossingen en concrete tips. 

 

Met dit boek kun je zelf aan de slag om je huis steeds stapje voor stapje wat meer afval vrij te maken. Leuk bij dit boek vind ik dat ze heel positief blijven en op een leuke manier veel oplossingen aandragen. 

 

Meer informatie: https://www.hetzerowasteproject.nl

 

 

#3: Gewoon goed

Gewoon goed is geschreven door Karen Kammeraat en is een koopgids voor een mooiere wereld. De gids is verdeeld in vijf delen. Eerst worden er wat algemene dingen verteld over duurzaamheid, en daarna wordt er meer gedeeld over voeding, kleding, verzorging en producten voor in huis. Ook worden er andere inspiratiebronnen gedeeld.

 

Dit boek laat op een concrete en laagdrempelige manier zien hoe je producten kunt herkennen die bijdragen aan een mooiere wereld. De schrijfster laat zien welke duurzame alternatieven zijn voor elk product. Erg interessant!

 

Meer informatie: https://ditisgewoongoed.nl

 

#4: SuperWaar 

SuperWaar is geschreven door Alfred Slomp. In dit boek ligt de focus op duurzaam eten. Het boek bespreekt de dilemma’s waar je tegenaan loopt als je anders wilt gaan eten en hoe je deze dilemma’s het beste aan kunt pakken. Het geeft daarbij eerlijke informatie over hoe je zelf bewustere keuzes kunt maken in de supermarkt. 

 

Het bevat daarbij veel praktische tips, recepten maar ook veel voorbeelden van personen die zelf zo bewust mogelijk proberen te lezen. Het boek is net dit jaar uitgekomen. 

 

Meer informatie: http://www.superwaar.nu

 

#5: Dit is een goede gids – voor een duurzame lifestyle

Dit is een heel stijlvolle gids geschreven door Marieke Eyskoot, een duurzame mode- en lifestyle-expert. De gids is redelijk groot en toen ik het de eerste keer zag wist ik niet zeker of ik het allemaal wilde lezen. Maar gelukkig zit het vol praktische tips. Het boek is onderverdeeld in verschillende hoofdstukken: kleding, verzorging, eten, wonen & werken, en vrije tijd.  

 

Het is echt een boek die veel van de verschillende thema’s van duurzamer leven behandeld en daardoor juist erg interessant is. Je kunt gerust steeds een ander thema lezen; afhankelijk van waar je je op dat moment in wilt verdiepen. 

 

Meer informatie: https://www.mariekeeyskoot.nl/this-is-a-good-guide/

 

Heb jij deze boeken gelezen? Wat vond je ervan? Of ken jij nog andere boeken die ik hier had moeten noemen? Ik hoor het graag! 

 

Daarbij wil ik ook nog even zeggen dat al deze boeken horen te inspireren! Juist om zelf op je eigen manier stapje voor stapje wat duurzamer te leven en je impact op deze aarde iets te verkleinen. Dit kan niet 100% perfect en dat hoeft ook niet! ☺

 

Spullen zijn vaak een vergeten kind als het gaat over onze duurzame impact. Toch is het de grootste veroorzaker van CO2 impact bij de gemiddelde Nederlander. Dit komt door de regelmatigheid waarmee we spullen aanschaffen en doordat een groot deel van de impact van onze spullen verborgen is waardoor we ons niet bewust zijn van onze kans om op dit thema het verschil te maken. Je kunt je dan afvragen: hoe draagt ontspullen hier dan aan bij? Mijn ervaring is dat juist dóór te ontspullen je die bewustwording over de impact van je spullen kunt vergroten. Ontspullen geeft je inzicht in de redenen waarom je items koopt én afdankt, wat mij heeft geholpen om deze redenen te herkennen op het moment van aankoop en daardoor minder te kopen.  Misschien kan ontspullen jou ook helpen, daarom in deze blog: een checklist met aanwijzigingen dat het voor jou de hoogste tijd is om te ontspullen.

 

 

Naast de grote milieu impact stelt trendwatcher James Wallman in zijn boek Ontspullen dat het hebben van teveel spullen ook grote impact heeft op ons geluksgevoel en onze gezondheid. Teveel rommel om ons heen leidt tot stress, die vervolgens weer leidt tot vermoeidheid, die zorgt dat je de rommel nog maar even een dagje laat voor wat het is. Kortom, een teveel aan spullen is een soort vicieuze cirkel die je moet doorbreken.

 

 

Misschien is dit voor jou ook wel het geval. Misschien heb je genoeg van overdaad, wil je de druk om meer te willen loslaten of weet je eigenlijk helemaal niet zo goed wat jouw relatie met je spullen is. Onderstaande checklist, gebaseerd op inzichten uit het boek van Wallman, kan je helpen om vast te stellen of jij gebukt gaat onder de last van teveel spullen:

 

  1. Geven jouw bezittingen je eerder (a) plezier of (b) stress?
  2. (a) Is alles netjes opgeruimd in je huis of (b) of heb je last van ‘rommelghetto’s’- ruimten waar je liever niet komt omdat het zo’n rommeltje is?
  3. (a) Heb je alleen maar dingen die je regelmatig gebruikt of (b) bewaar je spullen omdat ze een symbool zijn voor de persoon die je zou willen zijn? – Denk aan boeken ‘je je gelezen moet hebben’ of kleding die je ooit nog gaat passen?
  4. Als je keuken schoon en opgeruimd is, is het dan (a) achter de deurtjes ook zo netjes of (b) verhullen de deurtjes een grote wanorde?(a) Draag je al je kleren of (b) heb je kleding in je kast die je al langer dan een jaar niet meer hebt gedragen?
  5. Als je een garage hebt, (a) parkeer je dan je auto daarin of (b) staan er teveel spullen in waardoor de auto er niet meer bij past?
  6. Vind je het gemakkelijk om voor al je spullen te zorgen (a) of zou je willen dat de ‘rotzooifee’ eens langskomt die voor je bedenkt wat je echt nodig hebt en de rest weggooit?
  7. Als je een nieuwe jurk in je kast wilt hangen, (a) is dat geen probleem of (b) moet je met je ene hand de kleding die hangt opzij schuiven om met je andere hand het hangertje ertussen te schuiven?
  8. Passen al je bezittingen in je huis (a) of huur je een opslagruimte (b)?
  9. Word je (a) blij van winkelen of (b) trekt dat alle energie uit je weg?

 

Als je op één of meer van bovenstaande items antwoord (b) hebt gekozen, dan heb je volgens Wallman op de een of andere manier behoefte om te ontspullen. Aan de slag? Lees hier wat praktische tips om aan de slag te gaan!

Toen ik ruim twee jaar geleden besloot om duurzamer te gaan leven was er een boek wat de meeste indruk op mij maakte. Namelijk het boek van Babette Porcelijn: De Verborgen Impact. Ik wilde meer weten over vervuiling en eco-positief leven (zoals Babette dat zo mooi noemt) en kwam via via dit boek tegen op internet. Ik kreeg het uiteindelijk cadeau op Sinterklaasavond. Dit boek heeft een enorme indruk op me gemaakt. In dit artikel vertel ik jullie waarom dat zo is. 

 

 

Babette Porcelijn

 

Babette Porcelijn is inmiddels mijn idool. Ze is van origine ontwerper. Vijf jaar geleden kwam Babette erachter dat sommige dingen veel vervuilender zijn dan we denken, als je naar de hele keten kijkt. Dat er veel vervuiling plaatsvindt buiten ons blikveld. Haar verbazing groeide uit tot een concreet plan. Een grondig onderzoek in samenwerking met de CE Delft resulteerde in de ‘impact top 10’. De top 10 meest vervuilende aspecten in ons leven. Het gehele onderzoek is samengekomen in het boek De Verborgen Impact. Een verhelderend boek wat iedereen gelezen moet hebben. 

 

 

De Verborgen Impact

 

De combinatie van een gedegen onderzoek en het feit dat Babette Porcelijn ontwerper is maakt dit boek een begrijpelijk, toegankelijk en gedegen boek. Het zijn soms droge feiten, maar dat maakt het boek niet saai. Het is een alomvattend boek. 

 

Het boek is opgedeeld in drie delen. Het eerste deel gaat over wat verborgen impact is en legt stuk voor stuk de impact top 10 uit. Vervolgens worden de gevolgen van de verborgen impact besproken in deel twee en eindigt het boek in deel drie waar oplossingen worden gegeven (de praktische ‘wat kan ik doen’ tips worden ook door het hele boek heen gegeven). 

 

Toen ik het boek voor het eerst las verbaasde ik mij vooral over plek 1 van de impact top 10. Ik had namelijk nooit verwacht dat onze spullen de meeste impact zouden hebben. Vooral de hoeveelheid gifstoffen die vrijkomen bij het maken van onze computers en telefoons. Babette legt de grootte of hoeveelheid van de impact steeds uit aan de hand van vergelijkingen. Zo zijn er 2000 zwembaden nodig om het gif door 1 laptop te verdunnen. Ik viel van m’n stoel van verbazing… Na het lezen van dit hoofdstuk heb ik dan ook de beslissing genomen om in principe alleen nog maar tweedehands spullen te kopen. 

 

De impact top 10, de voorbeelden die Babette geeft en de vergelijkingen die ze steeds maakt maken het boek een hele goede tool om te bepalen wat het meeste vervuilende aspect van jouw leven is. Na het lezen van het boek weet je waar je waar de prioriteiten liggen om je leven te verduurzamen. Wat nice to have en wat need to have is. Met die kennis in je achterhoofd kun je vervolgens op zoek naar alternatieven. Gelukkig zijn er hier op GRN United genoeg groene bloggers die je de tips aanrijken die je dan nodig hebt ☺ .    

 

Hier alvast een tip van mij: Babette Porcelijn heeft naast dit boek ook een tool ontwikkeld waarmee je kan uitrekenen wat jouw impact is. Deze tool berekend namelijk op basis van de antwoorden die jij geeft hoeveel aardes er nodig zouden zijn als iedereen leeft zoals jij leeft. Die tool vind je hier. Wil je weten hoeveel aardes ik op dit moment nodig heb voor mijn levensstijl en hoe ik dat doe? Kijk dan dit filmpje

 

Heel veel succes met het verduurzamen van jouw leven!